Franjo Weissing

Geboren in het pittoreske Sauerland in Duitsland op een boerderij in een boerenfamilie . Zijn toekomst was van het begin af aan al duidelijk: Franjo zou de boerderij van zijn ouders overnemen. Tenminste, dat was wat zijn ouders dachten. Toen Franjo wat ouder werd mocht hij naar de middelbare school. Dat klinkt niet bijzonder, maar voor hem was het dat wel. Hij was namelijk de eerste uit het dorp ooit, die naar de middelbare mocht. Op het eind van zijn opleiding vond zijn docent wiskunde dat hij verder moest gaan studeren. De ouders van Franjo moest hij echter overtuigen, want die zagen niks in dit plan. Tot vier maal toe is de docent thuis langs geweest en na een intelligentietest waaruit bleek dat Franjo een wiskundig genie was, met de garantie dat hij hoogleraar wiskunde zou worden, kreeg hij uiteindelijk toestemming om te studeren.

In Bieleveld was toevallig dat jaar, 1974, een nieuwe universiteit opgericht. Een interdisciplinaire universiteit, waarbij alle faculteiten één gebouw deelden. Door deze opzet van de universiteit heeft hij ook erg interdisciplinair gestudeerd. Eerst de wiskunde met natuurkunde bachelor, waarbij hij alleen wiskunde heeft afgerond. Hier heeft hij ook het eerste college meegemaakt dat in Bieleveld plaatsvond. Zo nu en dan droomt Franjo nog van zijn kamer die hij had in Bieleveld, of eigenlijk drie kamers. Want als eerste student was er ruimte zat en kreeg hij drie kamers. Hij was erg gelukkig met zijn privilege om deze te mogen vullen met zijn “troep overal”. Na zijn bachelor moest hij in dienst, wat hij een erg vervelende tijd vond. Hij vervolgde de wiskunde studie in een master en deed er ook nog psychologie bij. Psychologie vond hij niet fundamenteel genoeg, dus deed hij nog een master biologie erbij. Voor zijn afstuderen had hij een econoom als begeleider. En niet zomaar eentje, het was nobelprijswinnaar Reinard Selten, die de nobelprijs met John Nash (bekend van de film ”A beautifull mind”) heeft gedeeld. In 1983 is hij afgestudeerd na een 400 pagina lange scriptie te hebben geschreven. Het ging over modelleren van evolutionaire processen. “Hij – Selten – heeft mij erg beïnvloed “

Hierna werd Reinard Selten ook de promotor voor Franjo’s PhD project in Bieleveld. Bij dit project heeft Franjo samen met Elinor Ostrom modellen gemaakt over de evolutie van politieke systemen, waarbij werd gekeken naar welke systemen succesvol zijn en welke niet. Zo hebben ze bijvoorbeeld gekeken naar verschillen in watermanagement in de wereld. Zo blijkt een technisch goed functionerend systeem in het ene land wel te werken, maar in het andere land niet. De politieke modellen beschrijven dan hoe het wel of niet tot een succesvolle uitkomst komt. Elinor Ostrom is na haar PhD een belangrijke wetenschapper en politiek adviseur in de VS geworden. Ook heeft ze als eerste vrouw een nobelprijs in economie gewonnen. In zijn PhD tijd is Franjo ook nog assistent geweest bij een interdisciplinair onderzoeksjaar waar 60 verschillende wetenschappers onderzoek deden in gedragswetenschappen naar conflict en coöperatie. Zeven van deze onderzoekers hebben uiteindelijk een nobelprijs gewonnen. “Het was een erg interessant jaar, met zeer bijzondere mensen. Ik vond het erg leuk”. In 1990 is Franjo gepromoveerd en in 1989 kreeg hij al een plek als universitair docent aan de RuG. Hij zou daar voortaan gaan werken in de theoretische biologie met nadruk op onderwijstaken.

Op de RuG is Franjo, bij ons studenten, vooral bekend van vakken mathematica en statistiek. Die geeft hij nu al jaren lang. “Vroeger stonden er tien weken voor die vakken. Ze werden erg gewaardeerd en toen werd ik bijna elk jaar docent van het jaar! Nu is nog maar drie weken en sindsdien ben ik ook nooit meer docent van het jaar geworden (zegt Franjo een beetje sip).” Hij heeft er wel volkomen begrip voor dat die vakken door studenten niet meer worden gewaardeerd, nu er zo weinig tijd voor staat. “Het is gewoon onmogelijk in drie weken!” De bekendheid van deze vakken komt ook mede door zijn bijzondere middel om de aandacht van studenten erbij te houden: het fluitje of de bel, waarvan vele studenten je hebben onthouden. “Ja klopt, eerst had ik een fluitje, maar sommige studenten vonden dit denigrerend. Ze voelden zich blijkbaar als een hond door mijn fluitje, ook al was het natuurlijk gewoon grappig bedoeld hoor. Door deze klachten ben ik overgestapt op de bel, maar daar kreeg ik ook klachten over. De studenten vooraan vonden het volgens mij te luid. Dus ging ik weer over op het fluitje. Ik gebruik hem nu niet meer zo vaak meer en merk dat studenten het nu juist erg grappig vinden. Het is dus een fijne balans tussen grappig en klachten. Als docent van het jaar heeft hij ook nog mooie prijzen gewonnen toentertijd. Hij heeft blijkbaar meerdere malen een appelboompje gekregen. Inmiddels zijn dat flinke bomen die ieder jaar enorm veel appels geven. “Er worden veel taartjes gegeten en ik deel ook altijd veel appels uit.” 

Naast dit vak houdt Franjo zich ook nog bezig met zijn hoofdtaak, het masterprogramma van evolutie. Hiernaast houdt hij zich ook bezig met de minor modelling in life science, die hoog aangeschreven staat. Je leert er hoe je systematisch modelleert. Ook is Franjo bezig met andere professors om een landelijke master op te zetten voor het modelleren. “Het gebied is tegenwoordig enorm populair en al mijn studenten hebben al een baan aangeboden gekregen ruim voor ze afgestudeerd zijn.” En naast al deze educatieve taken richt hij zich natuurlijk ook nog op onderzoek, wat hij enorm leuk vind om te doen. Al deze taken zal hij ook nog wel even blijven uitvoeren denkt hij. Zo verwacht hij over tien jaar, op zijn 71ste, hier nog steeds wel te werken. Zij het dan parttime. Maar ook verwacht hij ooit terug te keren naar zijn boerderij in het prachtige Sauerland. Om daar te wonen en van de rust in het dorp te genieten.

 

Wat is je favoriete thee?

“Nou, ik drink eigenlijk nooit thee. Ik drink liever koffie, dat heb ik waarschijnlijk van mijn vader. Die dronk echt veel koffie, ook ‘s avonds voor het slapen gaan. Dat doe ik ook, voor ik ga slapen drink ik vaak nog twee koppen koffie.”

Wat vind u van matrixen?

“De film of wiskunde? Wiskunde. “Ik werk er vaak mee. Het kan erg nuttig zijn, maar mensen die met matrixen werken zijn vaak meer geïnteresseerd in wiskunde dan het doel waar je zo’n ding voor gebruikt. Als je hem gebruikt, dan heb je een hoog abstractieniveau, dan ben je niet echt meer een bioloog. En de film dan? “De film vond ik boeiend.”

Kunt u meer vertellen over die prachtige foto’s van facebook?

“Dat komt van de feestjes als iemand uit mijn groep is gepromoveerd. Het is altijd een kleine groep, dus je kent elkaar goed. Er wordt altijd beweerd dat Duitser voor te serieus zijn dus moeten ze toch altijd even de Duitser op de korrel nemen. Dus dan bewijs ik graag dat ik als Duitser wél humor heb. Ik doe dat altijd met veel plezier. Maar de gekste dingen staan niet online hoor. Haha.”

Heeft u een vrouw en kinderen?

“Ja ik heb een vrouw, Anke Huckriede. Die werkt bij de geneeskunde en immunologie in het UMCG. Zij is beter bekend bij de studenten van biomedische wetenschappen. We hebben jammer genoeg geen kinderen, die konden we niet krijgen. Helaas. Wel hebben we onze studentjes (met een grote glimlach). Je bouwt echt een hechte band op met de studenten hoor. Als iemand twee master jaren met vier PhD jaren bij je studeert, dan leer je elkaar goed kennen. En door die studenten krijgen we alles mee van de nieuwe generatie. Hoe zij denken en voelen etc. Dat is wel een probleem als je geen kinderen hebt. Dan roest je vast in je oude gedachtegoed.”

Hoe zie je jezelf in 10 jaar?

“Dan ben ik al 71 he. Maar waarschijnlijk nog steeds wel halve dagen aan het werk hier. Zonder verplichtingen dan natuurlijk. Hiernaast zal ik me veel meer bezig houden met lezen. Ik vind het namelijk erg leuk om te lezen, over geschiedenis vooral. Dat is wel echt mijn hobby.” Welke eeuw? “De 19e eeuw vind ik leuk, Napoleon. Maar de rest vind ik ook erg leuk. Momenteel Lees ik een roman over de 20e eeuw. Over de 1e en 2e WO en hoe dit een aantal families in verschillende landen, zoals Rusland, Duitsland en Amerika beïnvloedt. Ik lees mijn boeken van samen met Anke parallel. Dan bespreken we de boeken samen. Dat vinden we heel erg leuk.”

Favoriete Duitstalige boek?

“Die Deutschstunde van Sigfried. Gaat over hoe het in de WO2 is om Duits te zijn. Geweldig boek. Wil er verder niet over vertellen. Lees hem maar.”

Favoriete Nederlandstalige boek?

“Het bureau van Voskuil. Dat speelt zich af in een wetenschappelijk instituut. Het is een reeks boeken eigenlijk en het was net als met de Harry Potter boeken. Mensen stonden in de nacht voor de uitgave in de wachtrij om zo’n boek te kopen. Ik heb niet in de rij gestaan hoor, had ze gewoon besteld. Maar had ze wel direct gelezen. En die mensen uit de boeken zijn ook echt bestaande mensen. Ik ken er zelfs een aantal. Gaat over dagelijks leven in dat instituut, maar er gebeurt helemaal niets! Dat is het leuke eraan.”

Wat had je anders gedaan in je leven?

“Ik ben een aantal jaren te gestrest geweest. Ik had het gevoel dat ik absoluut een onderzoeksgroep in de theoretische biologie moest opbouwen. Heb er echt kei en keihard aan gewerkt, maar achteraf gezien had wat relaxter moeten zijn. Zoveel werken vergt een grote prijs van je. Als je je te veel op werk stort, kun je niet genoeg genieten. Op bepaalde leeftijd hoef je niet meer veel. Voor mij is alles nu toegift. Het ‘moeten’ gevoel heb ik niet meer, ik doe alle met plezier. Dat was ik dus door die stress kwijtgeraakt, het plezier. En als je dan succes hebt gehad, dan is het prima, maar zonder is het erg zwaar. Je moet je er niet zo druk maken om die rankings en dergelijke. Maar ik wilde op alles gewoon goed zijn.”